Kraje i języki obce po niderlandzku [dialog 2][wideo]

Kwi 20, 20 Kraje i języki obce po niderlandzku [dialog 2][wideo]

Opublikowane przez w Dialogi po niderlandzku

Poniżej rozmówki numer 2 czyli “Kraje i języki obce po niderlandzku“. Zapoznaj się ze słownictwem patrz lekcja 2 posłuchaj dialogu bez oglądania obejrzyj z napisami po niderlandzku przeczytaj cały dialog po niderlandzku zobacz cały dialog i wideo z tłumaczeniem na język polski Dialog 2 – przedstawianie się w języku niderlandzkim. Podstawowe słownictwo: Podstawowe słówka w języku niderlandzkim – lekcja 2 [wideo]     Kraje i języki obce po niderlandzku – rozmówki po niderlandzku Hallo. Ik ben Bart de Pau. Welkom bij ‘Heb je zin?’. We gaan weer Nederlandse zinnen oefenen. Ken je Marieke en Martin nog? Uit de vorige les? Marieke is docent Nederlands. Vandaag gaat Martin naar Marieke. Hij gaat naar de school van Marieke in Rotterdam. Hier geeft Marieke Nederlandse les aan buitenlandse studenten. Goedemorgen! Marieke is in een café. Dit zijn mijn studenten. Hallo, ik ben Martin. Dit is Pedro. Pedro komt uit Spanje. Dag Pedro. Hola! Ik spreek ook Spaans. Dag Martin. Maar ik wil Nederlands spreken. Natuurlijk. Dit is Natasha. Natasha komt uit Rusland. Privet Natasha! Ik spreek ook Russisch. Hallo Martin. Ik wil Nederlands spreken. En dit is Ulrich. Ulrich is een Duitser. Gutentag Ulrich. Martin, praat Nederlands met mij! En wie hebben we hier? Mijn naam is François. Ik ben een Fransman. Bonjour François! Hallo Martin… Ik wil Nederlands praten! Ik heet Alice. Ik kom uit Engeland. Hi Alice! Martin… alsjeblieft… We moeten Nederlands praten! En dan… Peter. Peter is een Nederlander. En één student is Nederlander. Ha, met jou kan ik Nederlands spreken! hmmmm!? Peter is een beginner. Hij spreekt nog maar een paar woordjes Nederlands. Hij heeft een Nederlandse vader en een Franse moeder. Ze praten thuis geen Nederlands. Hmm, dus jullie willen Nederlands oefenen? Dat willen de studenten wel. Zullen we een uitstapje maken? Naar Amsterdam. Ik woon in Amsterdam. Dan laat ik de stad aan jullie zien. En we praten Nederlands! Dat is goed. Dan ga ik ook mee, zegt Marieke. Wanneer? Volgende week. Dat was het filmpje van vandaag. Op de website...

czytaj więcej

Rozmówki w sklepie oraz użycie przymiotników w języku niderlandzkim [dialog 6][wideo]

Paź 12, 19 Rozmówki w sklepie oraz użycie przymiotników w języku niderlandzkim [dialog 6][wideo]

Opublikowane przez w Art2, Dialogi po niderlandzku

  Dialog 6 – rozmówki w sklepie oraz użycie przymiotników w języku niderlandzkim. het bijvoeglijk naamwoord – przymiotnik Podstawowe słownictwo: Najpopularniejsze przymiotniki w języku niderlandzkim – Lekcja 9 [wideo]   Poniżej rozmówki numer 6 czyli “Rozmówki w sklepie oraz użycie przymiotników w języku niderlandzkim”. posłuchaj raz bez oglądania obejrzyj z napisami przeczytaj cały dialog poniżej       Hallo, mijn naam is Bart de Pau, online docent Nederlands. Welkom bij ‘Heb je zin?’ Vandaag oefenen we zinnen met de grammatica van #dutchgrammar les 9 en 10 over bijvoeglijke naamwoorden (adjectieven). In deze les gaan Martin en Marieke naar de markt. Marieke loopt naar de markt vanaf het station. Daar ziet ze Martin. Dag Martin! Dag Marieke! Wat een mooie jas! Is dat een nieuwe jas? Ja. Dit is een nieuwe jas. Hij is lekker warm. Buiten is het koud. Dus een warme jas is belangrijk. Ik wil ook een warme jas. Dit is een oude jas. Mijn jas is lelijk en een beetje vuil. Ja Martin, die jas is niet mooi en ook niet zo schoon. Hier op de markt verkopen ze ook jassen. Hmmm… Hier is het niet duur. Op de markt verkopen ze goedkope jassen. Ik heb het koud. En ik wil nu een nieuwe jas! Marieke, help me alsjeblieft. Dat is goed. Ik help je. We gaan een nieuwe jas uitzoeken. Dat is heel lief van je. Daar is een kraam met jassen. Hallo, ik wil een nieuwe jas. Dat kan. Een korte jas of een lange jas? Een korte jas, maar wel warm. Ok. Deze jas is kort. Maar het is wel een dikke jas. Hmmm. Hij is een beetje te groot. Nou Martin, misschien ben jij te dun! Hier is nog een jas. Is die niet te klein? Hmmm. Nee hoor, deze is goed. Hoe duur is deze jas? 200 euro Dat is niet goedkoop. Dat is erg duur! Kom op Martin! Zo arm ben je toch niet? Maar zo rijk ook niet! Ok. Hier heb ik nog een jas....

czytaj więcej

Przedstawianie się w języku niderlandzkim [dialog 1][wideo]

Sie 10, 19 Przedstawianie się w języku niderlandzkim [dialog 1][wideo]

Opublikowane przez w Art2, Dialogi po niderlandzku

  Poniżej dialog numer 1 czyli “Przedstawianie się w języku niderlandzkim“. zapoznaj się ze słownictwem patrz lekcja 1 posłuchaj dialogu bez oglądania obejrzyj z napisami po niderlandzku przeczytaj cały dialog po niderlandzku zobacz cały dialog z tłumaczeniem na język polski Dialog 1 – przedstawianie się w języku niderlandzkim. Podstawowe słownictwo: Powitanie i pożegnanie w języku niderlandzkim – lekcja 1 [wideo] Hallo! Ik ben Bart de Pau. Online docent Nederlands. Dit is Heb je zin?. Hier oefenen we Nederlandse zinnen. We combineren de woorden en de grammatica van learndutch.org. Je ziet een filmpje. En je ziet ondertiteling in 2 talen. [de kennismaking] Dit is Marieke. Marieke is in een café. Daar is Martin. Maar, Marieke kent Martin niet. Hallo. Hoi. Hoe heet jij? Ik ben Martin. En jij? Ik heet Marieke. Hoi Marieke. Waar woon jij? Ik woon in Amsterdam. En jij? Ik woon in Rotterdam. Wat ben jij? Ik ben een meisje. Ja, dat zie ik ook wel. Mijn vraag is: Wat is jouw beroep? Oh, mijn beroep. Ik ben docent. Docent? Ja, ik ben docent NT2. NT2? Wat is dat? NT2 is Nederlands als tweede taal. Oh. Ik geef Nederlandse les aan buitenlandse studenten. Wat leuk! Ja, dat is heel leuk. Ik heb studenten uit alle landen. Alle landen? Jazeker. Uit Duitsland. Uit Frankrijk. Uit Engeland. Ik heb een student uit Spanje. Uit Rusland. En één student is Nederlander. Nederlander? Maar spreekt hij dan geen Nederlands? Nee. Hij kan geen Nederlands. Hij heeft een Nederlandse vader en een Franse moeder. Hij woont in Frankrijk. Thuis praten ze Frans. Maar nu wil hij Nederlands leren. Ok. Ik begrijp het. Huh… Mijn werk is een beetje saai. Saai? Ik zit heel de dag achter de computer. Oh… en wat doe je dan? Ik schrijf e-mails en ik bel met klanten. Waar zitten jouw klanten? In de hele wereld. In Duitsland. In Frankrijk. In Engeland. Ik heb een klant in Spanje. In Rusland. En ik heb klanten in Nederland. En welke taal spreek je met je...

czytaj więcej
Nasza witryna internetowa wykorzystuje pliki cookies. Kontynuując przeglądanie strony, akceptujesz politykę prywatności.
OK
X
¤