Miesiące i pory roku. Maanden en seizoenen in het Nederlands. [wideo]

Paź 03, 15 Miesiące i pory roku. Maanden en seizoenen in het Nederlands. [wideo]

Maanden en seizonen in het Nederlands – Miesiące i pory roku w języku niderlandzkim
Herhaal de woorden en zinnen herdop. – Powtarzaj słowa i zdania na głos.

De maanden van het jaar […] –

januari – styczeń

februari – luty

maart – marzec

april – kwieceń

mei – maj

juni – czerwiec

juli – lipiec

augustus – sierpień

september – wrzesień

oktober – październik

november – listopad

december – grudzień

De seizoenen od de jaargetijden […] – pory roku

/het seizoen – pora roku het jaargetijd, jaargetijde – pora roku/

winter – zima

De lente of het voorjaar […] – wiosna

De zomer – lato

De herfst of het najaar[…] – jesień

Vorbeeldzinnen – przykładowe zdania

In de lente zitten de bomen vol bloesem. –

In de zomer genieten we van zon, zee en strand. […] –

Het woord ‘herfst’ hangt samen met ‘harvest’, de oogsttijd. […]

De winter is hetseizoen van ijspret: […]

schaatsen, sleetje rijden en sneeuwpoppen maken.[…]

Dag en nacht […] – Dzień i noc

In de winter wordt het rond half vijf ‘s middags al donker. […]

In de zomer blijft het tot een uur of tien ‘s avonds licht. […]

Zomer tijd en wintertijd –

Volgende maand gaat de zomertijd in. […]

We zetten de klok dan een uur vooruit. […]

Vorige maand ging de wintertijd in. […]

De klok ging toen een uur achteruit. […]

Ezelsbruggetje: […]

in het voorjaar gaat de klok vooruit, […]

in het najaar gaat de klok achteruit. […]

Herhaling. – Powtórka

De maanden van het jaar en de seizoenen […]

Napisz komentarz

Twój adres email nie zostanie opublikowany. Pola, których wypełnienie jest wymagane, są oznaczone symbolem *

Nasza witryna internetowa wykorzystuje pliki cookies. Kontynuując przeglądanie strony, akceptujesz politykę prywatności.
OK
X
¤